Gehandicaptenparkeerplaats

Gehandicaptenparkeerplaats

Gemeenten zijn de aangewezen instantie om gehandicaptenparkeerplaatsen aan te wijzen en in te richten. Zij zijn hierin autonoom. Op grond van artikel 225 Gemeentewet kan de gemeente parkeerbelasting heffen voor het parkeren, al dan niet met een parkeervergunning. De gemeente zal daarvoor dan wel een verordening moeten vaststellen.

Afmetingen van een gehandicaptenparkeerplaats zijn niet in de wet vastgelegd, maar volgens de gebruikelijke normen behoren ze aan onderstaande afmetingen te voldoen.

Geadviseerde afmetingen gehandicaptenparkeerplaats:

  • Voor langsparkeren: 3,50 m x 6,00 m (7,50 m als achter wordt in- en uitgestapt).
  • Voor haaks parkeren: 3,50 m (3,00 m. bij een vrije uitstapstrook naast het parkeervak) x 5,00 m.

De hoogte van de bedieningsknoppen van de parkeerautomaat tussen de 0,90 en 1.20 meter.

Zie ook toegankelijk Zwolle.

Individuele gehandicaptenparkeerplaats.

Op grond van artikel 15, lid 1, van de Wegenverkeerswet 1994 (WVW) moet voor de aanwijzing van een individuele gehandicaptenparkeerplaats een verkeersbesluit worden genomen. Op grond van artikel 18, lid 1 van de WVW 1994 is het college van burgemeester en wethouders bevoegd om een dergelijk verkeersbesluit te nemen.

Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (Babw)
Op grond van artikel 12 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW) moet voor de plaatsing van het vereiste verkeersbord (en bijbehorend onderbord met kenteken) een verkeersbesluit worden genomen.

 

Share